Recent Posts
Featured Posts

Lijn van wee en wens (is een prima titel voor een boek)


Ik schrijf niet veel expliciete boekbesprekingen. Niet in het minst uit schrik dat mensen gaan zeggen: wie denk je wel dat je bent, jij mislukte jurist alsof wat jij schrijft zoveel beter is, enzovoort. Als het al eens gebeurt beantwoord ik daarmee meestal aan een hogere impuls, die mijn bange ego overstijgt. Het heeft het er dan soms mee te maken dat ik een recensie lees die me prikkelt omdat ze me ongerechtvaardigd bruut lijkt. Dan wil ik wel eens zien wat ik er zelf van vind en lik op stuk geven.


Zo overkwam het me met Lijn van wee en wens van Caro Van Thuyne en de recensie van dit boek in DSL door Maria Vlaar. Vlaar vond dat het haar toekwam het boek een andere titel toe te bedelen (daar ga ik geen woorden aan vuil maken) en verweet de auteur verder dat ze geen verbinding met haar, als lezer, had gemaakt. Ik begon aan het boek en zou extra goed letten op die verbinding. Ik herinnerde me nog Wij, het schuim, Van Thuynes eersteling, die me met mijn voeten de aarde ingetrokken had en verwachtte al gauw van het ongelijk van Maria Vlaar te worden overtuigd.


Nu gaat Lijn van wee en wens over diepe rouw. Mari raakt niet los van haar jong gestorven zusje en trekt weg, langs de rivier, naar zee. Een gewonde kauw houdt haar gezelschap. Ik ben dat eens gaan opzoeken en het kan dus. Een kauw kan zich hechten aan een mens. Eén mens. Mocht ik de buurt komen, zou hij me de ogen uitpikken. Mari en de kauw. Mari en de herinnering. Mari en haar fysieke verdriet, gespiegeld door de woeste natuur. Felix, haar man, spartelt met engelengeduld in de marge. Hij bouwt een huis, hij brengt een taart. En daar bij die taart begon het. Het oordeel bekroop me traag en gemeen. Ik begon te vinden dat die Mari toch veeleisend was. Arme Felix. Al acht jaar. Was dat niet al lang genoeg? Waarom ging ze niet gewoon terug? Steeds opnieuw die pijn die maar niet afnam. Wilde ze misschien niet dat die afnam? Steeds maar verder weg van wat goed was. Steeds maar meer dingen uitsluiten. De geduldige man uitsluiten. Het leven uitsluiten. En tenslotte…mij uitsluiten. Ik mocht niet naar binnen. Ik kon niet volgen. En daar viel het me als een baksteen op mijn teen. Maria Vlaar had de nagel op de kop geslagen. Het boek sluit werkelijk uit. Maar dat zou geen sterren mogen kosten. Net daarom (of ook daarom) is het volgens mij meesterlijk. Los van de magistrale taalexplosies, los van het feit dat het selecte mensen toelaat te verbinden met de gevoelens van het hoofdpersonage is het ook buitengewoon omdat het andere lezers botweg uitsluit. Het boek ontmaskerde mijn ongeduld, mijn idiote oplossingsgerichtheid. Het plaatste mij meedogenloos in de metapositie en dwong mij tenslotte tot deemoed, tot overgave, tot het respecteren van de afstand. Rouw duurt zolang hij duurt. Blijf uit de buurt. Laat deze vrouw alleen zijn. Laat haar met rust. Wacht tot ze zelf komt, tot ze klaar is, tot haar beenderen, vlees en vel weer aangegroeid zijn. Hoe lang het ook duurt.


Toen ik na enige tijd wonden likken vrede had genomen met mijzelf en ik ook vrede met Maria Vlaar gesloten had, kreeg ik ruimte om nog een ander laagje van dit intrigerende boek te belichten. Ooit zag ik samen met enkele vrienden de opera Powder her face. Wij waren Mozart gewoon en in de pauze keken wij elkaar vertwijfeld aan. We durfden het niet zeggen, maar eigenlijk wilden we naar huis. De muziek kostte moeite, geen enkele noot kwam waar je ze zou verwachten, er was geen sprake van harmonie, zelfs geen poging tot. Toch gingen we terug zitten toen de bel rinkelde. Operatickets zijn gelukkig duur. Er gebeurde iets wonderlijks. Mijn brein had zich aangepast. Opeens kon ik volgen, de weerstand was weg. Drie dagen later begonnen we opeens berichten uit te wisselen. Hoe goed dat stuk was geweest. Nog steeds vinden we Powder her face het beste wat we ooit gezien hebben in de opera en we zijn intussen vele jaren verder. Een gelijkaardige ervaring had ik met dit boek. Het blijft maar groeien op de achtergrond. Ik blijf er lagen in ontdekken. Zoals onlangs nog de metaforische spiritueel-mythische laag in de parallel met de beendervrouw van Pinkola. Of de fysiek-spirituele laag van de natuur als spiegel en als heler. En dan ook nog eens de uiterst intrigerende emotioneel-fysieke laag van de communicatie met het doof-blinde kind, waarin zoveel zorgende liefde huist en waartoe ik vreemd genoeg wel gemakkelijk toegang kreeg.


Dus daar heb je het. Caro Van Thuyne heeft het weer gedaan. Dit boek bestrijkt alle niveaus van bewustzijn: het fysieke, het emotionele, het mentale en het spirituele. Dat is werkelijk uitzonderlijk. Het is rijk, gelaagd en meer dan eens heeft het een uppercut in petto voor je ego. Je leest dit boek zoals je zelf bent op een bepaald moment, en dat houdt een uitnodiging in om het te herlezen. Ik ga dat zeker doen. Ik ga het herlezen tot ik waardig bevonden word en ik helemaal binnen mag.

Archive
Search By Tags