Recent Posts
Featured Posts

De avond is gemakkelijk



Liever luisteren? A N C H O R I S P O T I F Y


Ik zit aan mijn bureau en breek me zachtjes het hoofd om mijn ontdekking van het moment op papier uitgelegd te krijgen. Winterregen teistert het glazen dak boven me. Verder is het is stil in ons huis.


Zoals bijna iedereen in Vlaanderen, wil ik dolgraag een gevierd en excellent schrijver worden. Omdat ik geen neerlandicus ben, maar een mislukte jurist (die moeten ook kunnen schrijven, maar dat is toch niet hetzelfde) en het manifest te laat is om alsnog naar de universiteit te trekken voor het behalen van de master in kwestie, besloot ik om tot zelfopvoeding over te gaan. Daartoe bestelde ik in èèn klap alle boeken van gelauwerde auteurs van de laatste jaren. Door de macht van de grote getallen aan te wenden hoopte ik uit te vissen waaruit groot literair succes gemaakt is.


Vlijtig begon ik aan de stapel prijsbeesten. Het duurde verbazend kort voor het me helemaal helder werd. Na drie boeken wist ik het al. Alle drie hadden ze een schuur, een algemeen donkere, agrarisch-landelijke setting vol stroeve figuren met grauwe gezichten en verborgen trauma’s en in alle drie kwamen penetraties met lichaamsvreemde voorwerpen of verhangingen aan balken voor. Dat het zo gemakkelijk was geweest de heilige graal van het literaire succes op te delven, verheugde me aanvankelijk. Daarna verging het jubelen me al vlug. De boeken waren steengoed geschreven, maar een bitter inzicht drong zich aan me op: ik lees die donkere, naturalistische, plastische triestigheid niet graag. Hoe zou ik mezelf ertoe kunnen brengen zelf zoiets te schrijven of te verzinnen?


Het kwam me plots voor dat er een enorme tegenstelling met het echte leven school in mijn kakelverse vaststellingen. In het leven, komt het me voor, zijn we bang voor dood, perversiteit en pijn. Pijn, ziekte en dood mogen er niet zijn. We aanvaarden hun bestaan niet als een deel van de wereld en van de natuur. De wetenschap moet er komaf mee maken, en vlug wat. Dat is ons beloofd door de Verlichting, we hebben er recht op. Daarom hebben we geen rituelen om te helen of te rouwen. We beschouwen al deze dingen als niet-in-het-rijtje-thuishorend, als onrecht. Het bestaan van onrecht kunnen we al evenmin aannemen als een feitelijkheid.


In de literatuur lijken we dan weer volledig de tegenovergestelde kant op te stormen. Daar kristalliseert zich tot mijn ontsteltenis stilaan een statistisch relevant verband tussen donkere, humorloos voorgestelde dierlijke emoties en literair succes. Waarom dat zo is, weet ik vooralsnog niet. Enkele elkaar opheffende hypothesen durf ik wel te formuleren. Misschien is het omdat we het donkere aldus kunnen blijven zien als fictie, als iets wat alleen bij fictieve anderen gebeurt. We kunnen dan voelen, voelen wat voelen is, en dan vlug het boek weer dichtslaan. Misschien is het een kwestie van collectieve traumaverwerking, van ons gedeelde incestueuze landbouwersverleden. Of misschien hebben we steeds sterkere stimuli nodig om een hoogtepunt te bereiken en zien we niet in dat de missionarishouding waarbij we elkaar in de ogen kunnen kijken en het zacht en aardig aanpakken heerlijke hoogtepunten opleveren kan. Dit raadsel mag zeker het voorwerp uitmaken van verder onderzoek door collega’s die zich daartoe geroepen voelen. Maar was het niet beter kortweg omgekeerd geweest? Meer realisme en aanvaarding in het echte leven en meer lichtheid en vrolijke verbeelding in de literatuur?


Intussen is het bijna avond. Het is winter en vroeg donker. Ik ga een beetje kokkerellen voor mijn kerngezonde, allesbehalve hypersensitieve kinderen (de enige prikkelspons hier ben ik) en voor mijn hardwerkende man, die altijd goedgemutst naar huis komt. Niemand valt ons nu nog lastig. Niets moet. Alles mag er zijn, de hele wereld rond. Het licht in de kamer is zacht en mild. De avond is bij uitstek gemakkelijk voor mij.

Archive
Search By Tags