Recent Posts
Featured Posts

Caro's schuim

Foto Astrid Mora

Gelukkig ben ik niet beroemd. Ik hoef me vooralsnog niet in omzichtigheid te hullen als ik iets over andere levende schrijvers te vertellen of te vinden heb. Ik kan in alle ongeremdheid van de daken schreeuwen: dit moet je lezen! Dat ik enkel positieve leeservaringen opschrijf, helpt. Waarom zou ik slechte dingen schrijven? Om u tegen te houden? Dat ik heb ik er niet voor over. Nee, zelfs niet voor u. Negativiteit is eenvoudigweg besmettelijk, je kan er niet mee spelen zonder dat het aan je blijft kleven. Recensies zal ik ze bijgevolg zéker niet noemen, deze schrijfsels over de werken van anderen, want wie ben ik? Geen Neerlandicus voorwaar. Maar ik ben vrij, lalala, als die andere oude rotkop 🎼 die ook uitkraamt wat hij wil. Dus welaan dan, hier volgt mijn impressie van een ongemeen prachtig boek, een regelrecht leesfeest!

Mijn goede vriendin K bouwde eens een huis. Op een dag kwam ze op de werf aan en zag daar schoon egaal voegwerk tussen de stenen blinken. Meteen liet ze alles weer verwijderen. Ze wilde het wild, brokkelig, morsig. Het werd een prachtig huis, een origineel huis, een huis dat levende wortels leek te hebben, een huis zoals ik nog nergens had gezien.

Zo is ook het schrijfwerk van Caro Van Thuyne, en bovendien spreekt het huis. It's alive. De vogels, de mollen, de meeste bomen, en zelfs, het schuim. Op een of andere manier heeft alles in de verhalen een ziel, een soort bewustzijn. Caro's wereld leeft in elk geval intenser dan de onze. Er zijn geesten en doden, er zijn wijzen, sterren en beenderen, rouw en rauw. Tegendraads laat ze bovendien de taal kolken en koken en schuimen. Die combinatie deed me Caro Van Thuyne beginnen te zien als een soort leap forward in de evolutie. Wat mij verder van mijn sokken blaast, is de onvoorstelbaar woeste vrouwelijkheid in haar verhalen, de mystieke melancholie, de aardsheid, maar vooral toch telkens weer het animisme. Hoe sterker dit laatste aspect uitgespeeld wordt in een verhaal, hoe mooier ik het vind. Hoe evident lijkt het geniale, nadat iemand anders erop gekomen is. Nu ervaar ik het alsof er geen andere manier denkbaar is om naar de wereld te kijken, van diep in de grond tot hoog in de lucht, als een geheel waarin werkelijk alles leeft en bezield is, ook als het al dood is.

Misschien wordt dit wel een stroming, maar wie Van Thuyne gaat proberen na te doen zal zich te hoeden hebben voor het imiteren van de vorm, zonder de bron te voelen. Zijzelf blijft lichtjaren weg van valse vorm om uit te komen aan het andere uiteinde van het spectrum.

Wie Caro Van Thuyne zelf is? Geen idee, en dat zal nog lang zo blijven. Ze wil niet voor het voetlicht. Er is geen enkele foto van de hoedster der fabeldieren. Enkel het boek, het werk doet ertoe. Of dit een extreme vorm van identificatie betreft (Caro is haar boek) of net de ultieme dissociatie (Caro werpt haar boek en maakt zich dan uit de voeten), of nog het beschermen van haar staat van goddelijk medium? Ik weet het niet. Misschien befluistert het levende universum mensen die veel selfies posten inderdaad minder op den duur? In Caro’s wereld zou dat best kunnen. Dat zou een genre karma zijn dat mij -in een wreedaardig verhaal verwerkt, of anderszins- zeer zeker een fijne glimlach zou weten te ontfutselen

Wat er ook van zij, ga dit boek (Wij het Schuim van Caro Van Thuyne) lezen, maar neem misschien een bakje tissues mee. Soms is het grappig, maar evenzeer hakt het er hevig in.

Warme groeten,

Kristien

Kristien De Wolf is schrijver, coach en olijfboer. Zopas verscheen Ava Miller en ik. Het is overal te koop, maar jij gaat natuurlijk naar Limerick (Gent) of Cronopio (Antwerpen) of een andere zalige onafhankelijke boekhandel. Of naar een Standaardboekhandel met een ziel? Zo is er alvast eentje in Sint-Niklaas (Stationstraat). Of anders ga je naar de Bib en wringt ze een arm om tot ze het aankopen ;-)

Meer info: www.kristiendewolf.com

Archive
Search By Tags