November 29, 2019

May 16, 2019

May 16, 2019

December 21, 2018

December 7, 2018

Please reload

Recent Posts

Held

May 16, 2019

1/10
Please reload

Featured Posts

Agent van vergeten klassiekers - In gesprek met Woutje Vlaeminck

August 29, 2019

Foto Astrid Mora

 

Facebook wordt verguisd, maar voor mij heeft het zeer waardevolle ontmoetingen opgeleverd met mensen die ik anders nooit had mogen leren kennen. Een van die mensen is Woutje Vlaeminck. Hij is twintig jaar jonger dan ik en woont aan de andere kant van het land, aan zee. Al maanden aan een stuk doet hij zijn boeken van de hand. Hij vervangt ze door planten. Ik vermoed dat hij een gevoelig mens is. Nooit zou ik hem op café zijn tegengekomen. En als dat zou zijn voorgevallen, dan zou hij zich vermoedelijk voor mij – ook gevoelig, maar toch een big mouth - verstopt hebben. Vandaag mag ik het met hem hebben over twee prachtige boeken die hij van de vergetelheid heeft gered. Hij overtuigde verschillende uitgeverijen ze opnieuw uit te geven. Niet gewoon dus!

Het eerste boek is: Hoe heette de hoedenmaker? van Loekie Zvonik (Cossee). Het tweede: Ik, Blanke Kaffer van Paul Brondeel (Vrijdag). Ik schreef er al over op andere plaatsen.

Als moeizame debutant intrigeert me jouw demarche. Er bestaan nauwelijks literaire agenten voor levende auteurs, wat bezielt jou om pro bono agent te zijn voor de doden? En wat heeft je doen kiezen precies voor deze twee? Van op mijn stoel beschouwd hebben ze enkel gemeen dat ze beiden in de boekenkast staan bij mijn bejaarde  ouders.

"Ik zie enkele van mijn vrienden drie, vier jaar jaar aan een roman werken; hun huishouden en vrije tijd schieten er bij in. En ondanks dat schaven en zwoegen, wordt hun werk niet of nauwelijks opgemerkt.  Vaak is dat het gevolg van oppervlakkige literatuurkritiek en de vaak gebrekkige manier waarop uitgevers het werk van hun auteurs in de markt zetten. Anderzijds verdwijnen wél bejubelde boeken snel weer op de achtergrond om de eenvoudige reden dat tijd geen rekening houdt met status en prestige. Wie schrijft, schrijft om vergeten te worden. En dat is misschien romantisch, maar ook erg pijnlijk.

Toen ik Loekie Zvoniks debuutroman uit 1975 voor het eerst las, wist ik dat ik daar wat mee moest doen. Het leek alsof niemand het nog kende, en dat terwijl er zo'n ontzettende rijkdom vanuit gaat. Zvonik schreef mooi en gevoelig proza, dat in de Vlaamse letterkunde haar weerga niet kent. 

Het boek van Brondeel is zo interessant omdat het zich afzet tegen het machismo van Jef Geeraerts, die met 'Black Venus' het monopolie op de Nederlandstalige koloniale literatuur leek te hebben. Waar Geeraerts zichzelf op de borst klopt bij de herinnering aan ons koloniale verleden, maakt Brondeel enkele markante kanttekeningen die een veel eerlijker beeld van Congo onder het Belgisch bewind geven."

Waar heb je de boeken concreet ontdekt?

"Toen ik in Gent studeerde, leerde ik een jongen kennen die zelfmoord beging. We hadden het vaak over literatuur en de romantiek van het schrijverschap. Over hoe zo'n ellendig leven als dat van Kafka zich tot grootse literatuur wist te vertalen, bijvoorbeeld. Na zijn dood kreeg ik enkele van zijn boeken in handen; waaronder het boek van Zvonik, dat zich deels in Gent afspeelt en eindigt met zelfmoord.

Het boek van Brondeel las ik enkele jaren geleden voor het eerst, op aanraden van iemand die er wel wat in zag."

Hoe heb je het aangepakt om die herdrukken af te dwingen?

"Ik nam contact met enkele uitgeverijen, maar het was uiteindelijk Cossee die het eerst toehapte. Mooi, want zo krijgt het werk van Zvonik ook in Nederland opnieuw aandacht. Bovendien bracht Cossee ook het werk van Dola de Jong, Josepha Mendels en Ida Simons opnieuw op de markt: eigenzinnige schrijfsters met een net zo eigenzinnig oeuvre.
Meer dan wat heen-en-weer schrijven was er niet nodig om Cossee en Vrijdag ervan te overtuigen om Zvonik en Brondeel in hun fonds op te nemen; hun werk sprak voor zich.

Houden jouw opleiding en eventueel werk verband met jouw bijzondere kruistocht om boeken herboren te laten worden? Wil je er je beroep van maken?

Tot voor kort nam literatuur een grote plaats in mijn leven in, maar ik wil  het leven niet laten omwille van literatuur. Schrijven, en alle problemen  die zich daar bij stellen, brengt veel twijfels met zich mee, en tegen dat twijfelen ben ik niet opgewassen. En wat met die drie jaar aan je tafel zitten schrappen en schaven? Waartoe dient het allemaal? Is het niet zinvoller drie jaar lang vrijwilligerswerk te gaan doen? Ik hou van mist tussen de bomen, van fietstochtjes maken, van trage koeien in de wei. Dat zijn dingen waar ik waarde aan hecht. Iets wordt niet pas belangrijk wanneer het literatuur geworden is.

Even over het laatste boek, Ik, Blanke Kaffer. Wat is volgens jou het thema van deze roman? Je ziet de dramatische hoofdfiguur die gevangen zit tussen zijn mondaine, levenslustige vrouw, zijn hautaine franstalige bazen en dan de massa inheemse mensen bij wie hij zich helemaal niet thuis voelt. Is dat het centrale thema? Zich niet thuis voelen? Of is het eerder niet durven losbreken? Het lijkt wel of dit boek perfect past in een reeks recente uitgaven, die tegen de achtergrond van verpulverende wereld spelen, zoals Pleisterplaats Bellevue en De Geesten. Ben je het daarmee eens?

In wezen gaat het boek over niet kunnen thuiskomen omwille van de angst los te breken uit de rol en de verwachtingen die de maatschappij je oplegt. Een maatschappij die geen of bitter weinig rekening houdt met de behoeften en de verlangens van het individu, maar enkel ageert met oog op financiële winst en politieke machtsexpansie. Wie zich moedig genoeg toont om een enigszins andere mening te verkondigen, wordt afgestraft. Losbreken betekent ook beschimpt en verstoten worden. En het individu, met al zijn gebreken en onzekerheden, verlangt toch telkens weer naar geborgenheid en solidariteit van zijn medemens. De beide boeken die je noemt, heb ik niet gelezen, maar 'Ik, blanke kaffer' lijkt dus wel te voldoen aan je beschrijving. 

Ben je van plan om nog boeken op te vissen?

Ik kan enkele auteurs noemen die het herlezen waard zijn, maar laat hen nog even sluimeren. Het leven - met al zijn tekortkomingen - gaat boven het papier, hoe grootst en meeslepend dat papieren leven  ook is.


Dank je wel voor dit gesprek en ik kijk al uit naar je volgende verrassende vondst